Wat er gebeurde
Eind november kregen tientallen coffeeshophouders een brief: hun pincontract werd eenzijdig beëindigd. Niet vanwege individuele overtredingen of incidenten, maar collectief. De brancheorganisatie, de Bond van Cannabis Detaillisten, stapte namens ruim vijftig ondernemers naar de rechter. De zaak kreeg ook politieke aandacht, met Kamervragen over de toegang van coffeeshops tot het betalingsverkeer. Dat is niet gek: pinnen is in deze sector verreweg de gangbaarste manier van afrekenen, en zonder pinnen schuift de omzet naar contant geld, met alle veiligheidsrisico's van dien.
Tijdens de zitting in februari voerde Worldline aan dat haar acquiring-bank de verwerking van transacties van Nederlandse coffeeshops niet langer wilde accepteren. Opvallend was dat er geen individuele verwijten op tafel lagen: het probleem zat in de keten achter de betaaldienstverlener, niet bij de ondernemers zelf.
Wat de rechter oordeelde
Begin maart deed de voorzieningenrechter uitspraak, en die was op drie punten helder. Ten eerste: de aangevoerde reden, dat de bank achter Worldline de branche niet meer wil, is onvoldoende om op te zeggen. Ten tweede: een betaaldienstverlener heeft een belangrijke positie in het betalingsverkeer en moet daarom zorgvuldig omgaan met de belangen van klanten. Ten derde, en dat is de principiële kern: het weigeren van coffeeshops omdat het coffeeshops zijn, zonder individuele beoordeling, is categorale uitsluiting, en dat is niet toegestaan. De rechter woog daarbij mee dat overstappen geen reëel alternatief was: aanvragen van coffeeshops worden elders in de praktijk geblokkeerd, dus het wegvallen van deze dienstverlener zou de sector effectief zonder pinnen zetten.
Het gevolg: Worldline moet de dienstverlening ongewijzigd voortzetten, in ieder geval totdat de bodemprocedure tot een einduitspraak leidt of partijen een schikking bereiken. Die bodemprocedure loopt op het moment van schrijven nog.
De uitspraak bevestigt dat toegang tot het betalingsverkeer geen gunst is.
Drie lessen voor elke high-risk ondernemer
- Les een: je staat sterker dan je denkt. De uitspraak bevestigt dat toegang tot het betalingsverkeer geen gunst is. Wie wordt opgezegd zonder individuele beoordeling, hoeft dat niet zomaar te accepteren. Vraag altijd naar de concrete reden van een opzegging; het verschil tussen "u heeft iets fout gedaan" en "wij willen uw branche niet meer" is juridisch relevant.
- Les twee: het probleem zit vaak in de keten, niet bij jou. In deze zaak lag de oorzaak niet bij de ondernemers maar bij een bank achter de betaaldienstverlener. Dat is precies het risico van een keten waarin alles aan één partij hangt: als ergens in die keten iemand afhaakt, valt jouw acceptatie om, hoe goed jij het ook doet.
- Les drie: continuïteit regel je vooraf, niet in de rechtszaal. De coffeeshops wonnen, maar stonden maandenlang in onzekerheid, en de definitieve uitkomst laat nog op zich wachten. De structurele les is dat je je acceptatie zo inricht dat één afhaker je niet raakt: met meerdere gelicenseerde acquirers achter je betalingen neemt een ander het over als er een terugtrekt. Dan is een opzegging ergens in de keten een administratieve gebeurtenis in plaats van een bedreiging voor je zaak.
Stand van zaken
Dit artikel beschrijft de stand op het moment van publicatie. De bodemprocedure tussen partijen loopt nog; zodra daar een uitspraak ligt of een schikking bekend wordt, werken we dit artikel bij.